Over ons

Brasschaat
Gelegen in het noordoosten van de Antwerpse agglomeratie, groeide sinds de Eerste Wereldoorlog uit tot de meest luxueuze residentiële voorstad van Antwerpen. In de Isenbaertlei 26 daar, midden de grote buitenverblijven, vakantiehuizen, sanatoria en kasteelparken hebben Van Ouwerkerk-Dekkers al bijna 30 jaar hun vaste stek. Jacques Van Ouwerkerk en echtgenote Irène Dekkers, beide 57 jaar jong, gerenommeerde groothandelaars in antiek en afkomstig uit Amsterdam, begonnen hier in 1994 met de actieve duivensport zoals wij ze hier al vele jaren kennen. Wie van beide het meest door de duivenmicrobe aangetast is, laten we in het midden maar we mogen toch gerust stellen dat zowel Jacques als Irène passioneel het duivenspel beoefenen en het daarom dan ook als een geliefkoosde hobby beschouwen en beleven.

Tipplers
Al als jonge snaak van 7 à 8 jaar was Van Ouwerkerk al gepassioneerd door de duiven. Niet de traditionele vliegduiven zoals wij die kennen, maar wel door de “Tipplers”, in de volksmond ook “langvliegers”, “hoogvliegers” of “nachtvliegers” genoemd. Het betreft hier kleinere duiven met een fenomenale longinhoud, waarvan het vleugeltype min of meer neigt naar dit van de gierzwaluw en die probleemloos 18 tot 20 uur kunnen vliegen. Er wordt ook mee aan competitie gedaan... een controleur komt dan de hele dag bij jouw op bezoek... de duiven mogen niet neerstrijken en moeten zich minstens één per uur laten zien. Dat Jacques in deze specialiteit zeker geen meeloper was, getuigen de vele “oorkondes” die het kunnen van zijn “Sheffieds” van toen, zoals hij ze zelf noemt, ten overvoede staven. Ook op Belgische bodem plukte hij met zijn Tipplers nog heel wat lauweren want hij bracht het zelfs tot kampioen van België en dit zowel met de oude als jonge duiven.

Over een andere boeg
In 1994 waren Jacques en Irène echter toevallig aanwezig bij een verkoop van reisduiven en ze stonden verstomd over de grote massa liefhebbers die naar de verkoop was gekomen en de hoge prijzen die voor reisduiven werden geboden.
“Er werden jonge duiven verkocht voor 50.000 frank”, vertelt Van Ouwerkerk, terwijl een beste tippler amper 1.000 frank waard was. We beslisten meteen onze tipplers te vervangen door reisduiven.”
Dat bracht Jacques van zijn eerste passie af en maakte nader kennis met de verkoper, die niemand minder dan Gerard Koopman... Gerard werd een goede vriend en in 1995 werd met de reisduiven begonnen. Met de Koopmanduiven werd aanvankelijk de ééndaagse fond gespeeld maar voor de zware fond werden duiven bijgehaald van de Nederlandse grootheden Anton & Luci v.d.Wegen (Steenbergen), Bertus Wijnacker (Hengstdijk), Marcel Braakhuis (Heer), Gebr. Kuypers (Neer) en Jantje Theelen (Buggenum). De Belgische inbreng is van Jos Thoné (As), Roger Van Gulck (Melsele) en voormalig Union-koning André Van Daele (Brecht). Later kwamen daar nog duiven bij via Marc De Cock (Temse) als afstammelingen uit de 1e Nat. Barcelona 2004 en 1e Nat. Perpignan 2005. Dan late jongen van Chris Hebberecht (Evergem) en ook uit de “Mister Europe” van wijlen Robert Buysse (Ertvelde). Last but not least kwamen ook de Florizooneduiven hier hun woordje meespreken en dit via Emiel Audenaerde.